Uitzendrechten voetbal in 1971

(door Hans Knot)

Grote geldstromen die illegaal van eigenaar zijn veranderd; corruptie op hoog niveau; tientallen doden bij bouwen van stadions; gevecht om voorzitterspositie; de FBI die leden van de FIFA aanpakt; extreem hoge bedragen voor het mogen uitzenden van wedstrijden of samenvattingen en meer voorpagicopy-of-1971nanieuws als het gaat om voetbal. Hoe anders was dit bijvoorbeeld in januari 1971?

Ook toen al werd er in de verslaggeving moeilijk om gedaan als het ging om het geld dat er diende binnen te stromen voor het vertonen van ‘flitsen’ van voetbalwedstrijden, getuige de volgende aanhef van een artikel over dit onderwerp. We kijken naar een introductie van een verhaal geplaatst in de kranten van de Gemeenschappelijke Persdienst: ‘Een minderheid van het NOS-bestuur verklaarde zich tegen de nieuwe overeenkomst inzake voetbalverslaggeving. De bezwaren spitsten zich toe op de omstandigheid, dat de nieuwe overeenkomst niet gebaseerd was op feiten. Men wilde een duidelijk inzicht in de feiten die tot dit nieuwe bedrag hadden geleid en die kon de raad van beheer niet geven.’

Bovenstaande stond vermeld in de aangesloten kranten van de GPD in de eerste week van januari en hadden betrekking op de onderhandelingen tussen de KNVB en de NOS betreffende de betaling van uitzendrechten tijdens het voetbalseizoen 1971-1972. De onderhandelaars van beide organisaties bleken vooralsnog niet uit de problemen te zijn gekomen maar toch kwam er een verklaring naar buiten: ‘In een gistermiddag door KNVB en de NOS gezamenlijk georganiseerde persconferentie maakte programmacommissaris televisie, J. W. Rengelink, duidelijk dat de NOS-televisie zich weliswaar beperkt ziet tot drie samenvattingen van elk maximaal een kwartier per zondagavond, maar tevens de vrijheid verwerkt om kosteloos flitsen te geven van maximaal drie minuten per wedstrijd. Deze vrijheid van informatie, gebaseerd op een internationaal geldende praktijk, geeft de NOS in elk geval altijd vrije toegang tot de velden en stadions.’

Het bleek echter dat de vertegenwoordigers namens de KNVB bij lange na niet tevreden waren over de regeling. De rechten van de NOS waren namelijk verder nog uitgebreid tot het uitzenden van competitie- en bekerwedstrijden die niet op de zondag werden gespeeld. Ook waren radio-uitzendingen in het nieuwe contract tussen de KNVB en de NOS opgenomen. Zo bleek dat alle radioflitsen met een maximale duur van 90 seconden per flits, die werden uitgezonden tot vier uur in de zondagmiddag, vrij waren van rechtenbetaling door de NOS. Dus alleen in het laatste kwartier van de wedstrijden gebrachte flitsen via de radio leverden de KNVB geld op. In die tijd werden praktisch alle wedstrijden op de zondagmiddag tussen half 3 en kwart over vier gespeeld, als het ging om het betaalde voetbal.

En het gratis mogen uitzenden van korte fragmenten tot een kwartier voor het einde van de wedstrijden viel niet goed bij de KNVB. De heer H. A. Burgwal, destijds secretaris-penningmeester van de voetbalbond stelde: “Wij blijven dit akkoord als voorlopig beschouwen. Wij blijven óók van mening, dat het bedrag, dat wij van de NOS dienen te ontvangen, op een reële basis moet staan. Maar ik weet niet welk bedrag een reële basis vormt. Dat moeten de NOS en wij gaan uitzoeken in het komende jaar."

Andermaal onduidelijke taal. Wel bleek later dat de NOS en de KNVB tot overeenstemming waren gekomen een gezamenlijke werkgroep te vormen die op zeer korte termijn diende te gaan werken aan een overeenkomst die in de daarop volgende jaren gemakkelijker kon worden gecontinueerd. Slechts enkele dagen later, ondanks onduidelijke persverklaringen in de dagen ervoor, kwam er resultaat van de voornoemde werkgroep: ‘Er is een nieuwe overeenkomst voor de tijd van 10 augustus 1971 tot 10 augustus 1972. De KNVB- en NOS-besturen zijn met tegenzin akkoord gegaan met het zogenaamde flitsenverdrag.’

Het bleek de besturen van de KNVB (met algemene stemmen) en de NOS (zeer verdeeld) hun goedkeuring hadden gehecht aan de overeenkomst tussen beide organisaties over de betaling van voetbalflitsen op de televisie. Het nieuwe bedrag dat de NOS aan de KNVB destijds ging betalen, bedroeg achthonderdduizend gulden voor de periode van twee seizoenen. Het was een grote sprong voorwaarts want in de daaraan voorafgaande seizoenen werd jaarlijks slechts een bedrag van een kwart miljoen per seizoen betaald. Over de kosten van radiorechten voor flitsen tijdens het laatste kwartier van de wekelijkse wedstrijden werd destijds geen mededeling naar de pers gedaan.